0-9·A·B·C·D·E·F·G·H·I·J·K·L·M·N·O·P·Q·R·S·T·U·V·W·X·Y·Z | Inrichting van de Woordenlijst | Erratalijst
obligatiemarkt [obli·ga·tie·markt], de, obligatiemarkten [obli·ga·tie·mark·ten]
obligatieomzet [obli·ga·tie·om·zet], de[m.]
obligatieportefeuille [obli·ga·tie·por·te·feuil·le], de[m.]
obligatierente [obli·ga·tie·ren·te], de
obligatie–uitgifte [obli·ga·tie–uit·gif·te], de[v.], obligatie–uitgiften [obli·ga·tie–uit·gif·ten], obligatie–uitgiftes [obli·ga·tie–uit·gif·tes]
obligatoir [obli·ga·toir], bnw., obligatoire [obli·ga·toi·re]
obligo [obli·go], het, obligo's [obli·go's]
oblong, bnw.
obool, de[m.], obolen [obo·len]
obs (openbare basisschool),
obsceen [ob·sceen], bnw., obscene [ob·sce·ne], obscener [ob·sce·ner], obsceenst [ob·sceenst]
obsceniteit [ob·sce·ni·teit], de[v.], obsceniteiten [ob·sce·ni·tei·ten]
obscurantisme [ob·scu·ran·tis·me], het
obscurantist [ob·scu·ran·tist], de[m.], obscurantisten [ob·scu·ran·tis·ten]
obscurantistisch [ob·scu·ran·tis·tisch], bnw., obscurantistische [ob·scu·ran·tis·ti·sche]
obscuriteit [ob·scu·ri·teit], de[v.]
obscuur [ob·scuur], bnw., obscure [ob·scu·re], obscuurder [ob·scuur·der], obscuurst [ob·scuurst]
obsederen [ob·se·de·ren], ww., obsedeerde [ob·se·deer·de], geobsedeerd [ge·ob·se·deerd]
observant [ob·ser·vant], de[m.], observanten [ob·ser·van·ten]
observantie [ob·ser·van·tie], de[v.], observantiën [ob·ser·van·ti·en], observanties [ob·ser·van·ties]
Voorpagina – Leidraad – Omspeller – Gereedschap – Spellingvragen – Meer weten over de spelling?