Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Woordenlijst Nederlandse Taal - Officiële Spelling

U bent hier: taalunieversum » woordenlijst
Zoek naar in de       Zoekgereedschap
Woordenlijst - alfabetisch

0-9·A·B·C·D·E·F·G·H·I·J·K·L·M·N·O·P·Q·R·S·T·U·V·W·X·Y·Z | Inrichting van de Woordenlijst | Erratalijst

101 - 120 uit 6035

paard·sprong, de[m.], paard·spron·gen
paar·ge·drag, het
paar·le·moer, het, zie ook parelmoer
paar·le·moe·ren, bnw., zie ook parelmoeren
paar·len, bnw.
paar·re·la·tie, de[v.], paar·re·la·ties
paar·rij·den, het
paars1, het
paars2, bnw., paar·se, paar·ser, paarst
paars·ach·tig, bnw., paars·ach·ti·ge
paars·blauw, bnw., paars·blau·we
paars·ge·wijs, bnw., paars·ge·wij·ze
paar·sig, bnw., paar·si·ge
paars–rood (paars en rood), bnw., paars–ro·de
paars·rood, bnw., paars·ro·de
paar·tijd, de[m.], paar·tij·den
paar·vor·ming, de[v.]
paas, de
paas·avond, de[m.]
paas·best, bnw., paas·bes·te

Meer weten over de spelling?

Nederlandse Taalunie